TONZON bij RTL4

Zaterdag 3 december was TONZON te zien zijn bij RTL4 in het programma Apotheek en Gezondheid om 10.25 uur. Deze uitzending is  zondag 4 december herhaald. TONZON werd aangekondigd in de voorafgaande  aflevering. Daarin is professor Van Bronswijk geïnterviewd over de huisstofmijt. Dit minuscule beestje wordt gezien als het grootste probleem voor de volksgezondheid. De mijten zijn verantwoordelijk voor de grootste chronische aandoening bij kinderen beneden de 4 jaar. 40% van de bevolking heeft de aanleg een allergie voor huisstofmijten te ontwikkelen en zal dit ook doen zolang de overheid geen preventief beleid gaat voeren. Klik op video >> voor de samenvatting van dit RTL4-interview met Van Bronswijk over huisstofmijten.

Hoe komt een isolatiefabrikant in een programma over gezondheid?
In de voorlaatste uitzending  komt Professor Van Bronswijk aan het woord over huisstofmijten. Dit zijn minuscuul kleine beestjes die wonen in het matras, in meubels en de vloerbedekking en je kunt ze met je meedragen in je kleren. De beestjes zelf zijn volstrekt ongevaarlijk. Het probleem is hun poepjes. Die hechten zich aan stofdeeltjes die daardoor veranderen in allergenen. Vandaar de naam huisstofmijt. Blootstelling aan een hoge concentratie kan leiden tot een allergie zoals astma, COPD, eczeem, neusirritatie etc. Uit het oogpunt van preventie is het belangrijk de allergeenconcentraties in woningen zoveel mogelijk te beperken. Probeer te voorkomen dat mensen allergisch worden, want als ze het eenmaal zijn dan komen ze er nooit meer vanaf. Daarbij mag vooral de vloerbedekking niet vergeten worden. Ouders leggen immers hun kroost met de buik op de vloer om ze te leren kruipen.

Hoe pakt TONZON die kleine beestjes aan?
Huisstofmijten zullen in huis altijd genoeg voedsel weten te vinden. De enige manier om ze aan te pakken, is er voor te zorgen dat ze zo weinig mogelijk vocht krijgen. Dat beperkt hun activiteit en daarmee hun aantal en de hoeveelheid poepjes. Het vocht dat ze nodig hebben, moeten ze uit de lucht halen. Daarvoor hebben ze een uniek mechanisme op hun rug dat is gebaseerd op zouten. Dit mechanisme begint pas te werken wanneer de RV (Relatieve Vochtigheid ) van de lucht hoger is dan 55%. De TONZON aanpak zorgt op twee manieren voor een verlaging van de RV van de lucht in de leefomgeving van de huisstofmijt. Met Bodemfolie wordt de toetreding van vocht uit de kruipruimte volledig geblokkeerd en de Thermoskussens maken de vloer een stuk warmer (bekijk de video>> ). De vloer wordt zelfs nog warmer dan de lucht erboven. bekijk de animatie>> om te zien hoe dat kan.  Door deze dubbele aanpak daalt de RV in de lucht in de leefomgeving van de mijt (vloerbedekking, gestoffeerde meubels) en daarmee het aantal en de activiteit van de huisstofmijten. Door de unieke werking van de thermoskussens wordt het ook onder de meubels en langs de randen van de vloer warmer, waardoor de mijten het heel moeilijk krijgen om de droge winterperiode te overleven.

Waarom geen schelpjes?
De vloer blijft te koud en een dikke laag schelpen houdt wel veel vocht tegen maar nog lang niet alles. Krijg je nu 10 liter vocht per dag je woning binnen dan merk je weldegelijk verschil wanneer dit wordt gereduceerd naar 1 liter. TONZON Bodemfolie houdt echter ook die laatste liter tegen en is daarbij veel milieuvriendelijker o.a. omdat er geen vrachtwagens aan te pas komen. Thermisch doen de schelpjes niets of weinig omdat de isolatielaag aan de verkeerde kant van de kruipruimte komt. Het beschermt de vloer niet tegen afkoeling naar de koude funderingsmuren en de koude wind die in de winter onder de vloer door blaast. Het wordt in de Consumenten Geldgids afgeraden als energiebesparende maatregel. (PDF artikel>>).

Waarom geen PUR-schuim?
Het is niet mogelijk met PUR-schuim de vloer zo warm te krijgen als met Thermoskussens, zelfs wanneer men zijn best zou doen een serieuze isolatielaag op te bouwen. Per keer kan maar een beperkte dikte worden opgebracht anders loopt de temperatuur tijdens de chemische reactie te hoog op en gaat het spul spontaan branden, of ‘geuren’ zoals het op tv inmiddels wordt genoemd.  Een laagje is volstrekt onvoldoende. De warmte die door de PUR-laag komt, wordt aan de onderkant keihard uitgestraald naar de koude bodem en funderingsmuren. Door dit permanente lek warmt de vloer langzamer op, wordt niet zo warm en koelt weer sneller af. Tot overmaat van ramp wordt ook de bovenkant van de funderingsmuren onder gespoten om vocht-optrek naar de woning te voorkomen. Dit versterkt echter de koudebrug met de fundering waardoor de randen van de vloer in de woning kouder worden in plaats van warmer. Huisstofmijten vinden hier dus een prima plek om te schuilen tijdens drogere periodes. Bij standaard uitvoering (men moet extra betalen voor een luchtdichtere vloer) wordt de vloer nauwelijks luchtdichter waardoor nog steeds vochtige lucht uit de kruipruimte de woning binnenkomt. De versterking van de koudebrug langs de randen en de verwaarloosbare invloed op de toetreding van vocht uit de kruipruimte blijkt o.a. uit praktijk onderzoek (PDF rapport>>). Overigens levert de standaard-uitvoering bij PUR ook nauwelijks extra isolatiewaarde op wanneer we een recent artikel in de Cobouw mogen geloven (PDF artikel>>). De PUR-spuiters zouden meer isolatiewaarde beloven dan ze feitelijk leveren. Daarnaast zadelen we de toekomstige generaties op met een gigantisch chemisch sloopafval probleem. Zo snel als ze nu alles onderspuiten, zo snel is het straks bij sloop niet van elkaar gescheiden.

Hoe gaat de overheid om met dit probleem?
In de bouwregelgeving hanteert de overheid voor regenwater een no tollerance beleid. Er mag geen regenwater de woning binnenkomen. Aan het vocht dat uit de bodem onder ons huis verdampt, werd echter nooit aandacht geschonken. Bij woningen ouder dan 20 jaar kan per dag wel 10 liter water in dampvorm uit de kruipruimte de woning binnenkomen. Dit is bijna evenveel als de bewoners zelf produceren. De natuurlijke trek en mechanische ventilatiesystemen zuigen lucht uit de kruipruimte en met die lucht wordt vocht uit de bodem meegezogen. Pas in het Bouwbesluit wordt geprobeerd de hoeveelheid vocht uit de kruipruimtebodem te reguleren. Wanneer aan de gestelde norm wordt voldaan dan zou de hoeveelheid vocht beperkt kunnen blijven tot 1 liter per dag. 30% van de nieuwe woningen voldoet echter niet eens aan deze norm zo blijkt uit een brief aan de Tweede kamer. Bij deze woningen wordt dus meer dan 1 liter vocht naar binnen gezogen. Al dit onnodige extra vocht moet door ventilatie worden afgevoerd. Omdat de aanvoer min of meer constant is, moet ook de afvoer constant zijn. Dit leidt tot het advies van de overheid aan de bevolking om permanent het klap-raampje in de woonkamer open te laten staan, ook wanneer er niemand in de kamer is en zelfs wanneer men het huis verlaat. Onduidelijk is waarom de overheid nog zoveel vocht uit de bodem toelaat met een norm die in de praktijk vaak niet gehaald wordt en weinig duurzaam is. Gelukkig zijn er steeds meer woningbouwverenigingen die hun eigenverantwoordelijkheid nemen en het niet langer aanvaardbaar vinden dat vocht uit de bodem tot in de woning kan doordringen en TONZON Bodemfolie ook toepassen bij nieuwe woningen. Deze extra kosten om het vocht uit de bodem tot nul te reduceren zijn verwaarloosbaar (minder dan een promille) en niet terug te vinden in de totale bouwkosten van de woning.